|
Dante lezen in MaastrichtEen aantal jaren geleden gingen er in de jaarvergaderingen van Dante Alighieri Maastricht stemmen op om de mogelijkheid te bekijken in een kleine groep het werk van Dante te lezen. Dat was een interessant idee, maar hoe dit te verwezenlijken? Waarom, zo dacht ik, zou je niet met een aantal mensen samen kunnen komen en gewoon beginnen? Als studente bij de Vakgroep Italiaans van de Universiteit van Amsterdam had ik al kennis gemaakt met de werken van Dante en o.a. met de geschiedenis van Italië en de Italiaanse literatuur. Het meest voor de hand lag contact op te nemen met de mensen die interesse getoond hadden en eens, letterlijk, samen om de tafel te gaan zitten om te bezien of en op welke manier we aan de slag zouden kunnen gaan. Van belang was wel dat iedereen Italiaans kon lezen en begrijpen, dat was het uitgangspunt. Dante zou ons toch nog wel heel wat hoofdbrekens gaan kosten. Dat we samen wilden beginnen was hoe dan ook snel duidelijk. Zo startte bij mij thuis een groep van negen personen met 'Dante lezen' en dan wel de Divina Commedia . Ik moet denken aan de beginverzen van canto I van de Hel: Nel mezzo del cammin di nostra vita mi ritrovai per una selva oscura ché la diritta via era smarrita. Op 't midden van ons levenspad gekomen trof ik mijzelf in 'n donker woud; ik had de rechte weg geheel uit 't oog verloren. (vert. Rob Brouwer in De Goddelijke Komedie, Inferno, Primavera Pers, Leiden 2000.) In een donker woud voelde ik me bij het lezen van delen van dat overweldigende gedicht ook. Hoe om te gaan met die overvloed aan informatie die je keer op keer te verwerken krijgt. Maar al werkend eraan kom je tot de ontdekking dat alles niet zo donker is als vermoed werd en door erover te discussiëren kunnen de bedoelingen van Dante verduidelijkt worden. De Divina Commedia is het meesterwerk van Dante. Hij leefde van 1265 tot 1321. Aan dit gedicht werkte hij minstens vijftien jaar. Het thema zoals de dichter het zelf omschrijft is: de status animarum post mortem : de toestand van de zielen na de dood. De verteller en tevens hoofdpersoon in het verhaal heet Dante. Hij beschrijft zijn denkbeeldige reis door de drie rijken van het hiernamaals in drie delen, cantiche genaamd: Hel, Louteringsberg en Paradijs, die samen honderd canti vormen. Het eerste cantica, de Hel, heeft een inleidend canto, dus 34 canti, het tweede cantica de Louteringsberg en het derde cantica het Paradijs bestaan elk uit 33 canti. Het gedicht heeft 14.223 verzen van elk elf lettergrepen en steeds strofen van drie regels, terzinen genoemd. Het gedicht moet niet alleen letterlijk gelezen worden. In figuurlijke zin gaat het om een metafoor. Het is als het ware een verslag van de ontwikkeling die Dante tijdens zijn leven doormaakt. Dante maakt aanschouwelijk hoe hij van het kwaad (de Hel) door middel van het proces van inzicht in zijn zondigheid komt tot berouw (de Louteringsberg) om tenslotte gereinigd het hoogste geluk te ervaren, het aanschouwen van God (Paradijs). Hij houdt de lezer/toehoorder een spiegel voor; wat voor hem geldt, geldt voor alle mensen die tot morele perfectie willen komen. Hij laat zien wat de mens doet met het hoogste goed dat God hem geschonken heeft: de vrije wil. Dante schrijft het gedicht niet in het Latijn maar in het Italiaanse volgare, Hierdoor kon ook het gewone volk, zoals hij zelf gezegd heeft in een van zijn geschriften, van zijn verhaal kennis nemen. De zielen in de Hel hebben nog een heel sterke band met het aardse bestaan, de aardse werkelijkheid speelt hier een grote rol en zij gedragen zich zelfs vaak nog zoals ze dat bij leven deden. Op de Louteringsberg is dit al een stuk minder, daar is men bezig met boetedoening en veel minder met aardse zaken. In het Paradijs verheugen de zielen zich alleen in de aanblik van God. Na Dante's dood kwamen al snel veel handgeschreven kopieën in omloop, maar het gedicht werd ook vaak uit het hoofd geleerd en dan gedeclameerd omdat veel mensen analfabeet waren.Het woord "Divina" is kort na de dood van Dante toegevoegd door Giovanni Boccaccio, die een zeer groot bewonderaar van de "Commedia" was. In de periode van Renaissance en Humanisme is er, op enkele uitzonderingen na, minder belangstelling voor de "Commedia", dan is in de literatuur het Latijn weer de belangrijkste taal. In de achttiende eeuw is er weer interesse voor Dante maar pas bij de Romantiek komt de grote opleving en in de twintigste eeuw neemt de belangstelling voor Dante alsmaar toe. Zelf noemt Dante in twee verzen van de Hel zijn gedicht "commedia" en in zijn Epistola (XIII) aan Cangrande della Scala van Verona spreekt hij over 'Incipit Comoedia Dantis Alagherii Florentini natione, non moribus'. (Inizia la Commedia di Dante Alighieri, fiorentino per nascita, non per costumi). Volgens middeleeuwse voorschriften staat de term "comedia" voor een werk dat triest begint en vol blijdschap eindigt, dat geschreven is in de volkstaal en bescheiden en eenvoudig is. De toenmalige lezers van de "Commedia" en ook wij weten echter dat het zeker geen eenvoudig werk is. Over het algemeen wordt het Inferno (Hel), het eerste cantica van de "Commedia" het meest gelezen. Het Inferno spreekt de lezer aan. Dit is niet zo verwonderlijk want er wordt veel verteld over de aardse werkelijkheid. Om de hele Divina Commedia te kunnen begrijpen (als dat al mogelijk zou zijn) is het zaak niet alleen de Hel te lezen maar juist ook de andere twee delen, omdat dan pas de bedoeling van Dante's gedicht tot uitdrukking komt: het eeuwige geluk te ervaren door het aanschouwen van God. Dit hangt af van de wijze waarop de mens zijn aardse leven geleefd heeft. Een Italiaans spreekwoord zegt: la via dell'inferno è lastricata di buone intenzioni de weg naar de hel is geplaveid met goede voornemens Misschien kenden in de dertiende eeuw de tijdgenoten van Dante dit spreekwoord al. Waarschijnlijk is voor hen het Inferno het meest intrigerend geweest, omdat Dante daarin heel wat personages ten tonele voert die ook in werkelijkheid bestaan hebben. En wat hebben wij tot nu toe bereikt in de groep? Het zal duidelijk zijn dat er veel studies gemaakt zijn van Dante en zijn werk. Talloze geleerden hebben de "Commedia" van commentaar voorzien en de uiteenlopende aspecten toegelicht. Veel uitgaven van de "Commedia" zijn ook voorzien van voetnoten waarin uitleg gegeven wordt over de tekst, waardoor veel zaken duidelijker worden. Het is erg nuttig hiervan gebruik te maken. Vooral in de twintigste eeuw zijn er een aantal Nederlandse vertalingen in proza en in poëzie verschenen waar wij als groep gebruik van kunnen maken, hoewel ons uitgangspunt is 'lezen wat er staat' en zelf vertalen. Elk van de deelnemers neemt om tourbeurt een canto voor zijn\haar rekening, waarbij dan de Italiaanse tekst in het Nederlands wordt vertaald. Om de twee weken is er een bijeenkomst van twee uur, gemiddeld ongeveer vijfentwintig keer per jaar. Halverwege de avond houden we even een pauze voor een drankje want Dante houdt ons intensief bezig, je moet wel bij de les blijven, het is zaak alert te zijn. Inmiddels zijn er al ruim twee en een half jaar verstreken, hebben we het Inferno achter ons gelaten en zijn al een heel eind gevorderd in het Purgatorio. Dit jaar komen we zeker in het Paradiso. We hebben veel plezier bij het samen lezen en bespreken van het gedicht, daarbij niet te vergeten het luisteren naar de prachtige klanken van het Italiaans (geen enkele vertaling in dichtvorm kan dit bereiken). Dante geeft ons een levendig beeld van de geschiedenis van de dertiende eeuw in Italië, vooral van het leven in Toscane en dan met name in Florence. Hij vertelt ons boeiende geschiedenissen over mensen uit de Oudheid, de Bijbel en de middeleeuwen. Voor mij blijft zijn gedicht interessant en intrigerend. Het blijft uitnodigen tot verder lezen. Mieke Blom januari 2007 |
![]() Dante Alighieri (Portret door Andrea del Castagno(1421-ca.1457), fresco, Galleria degli Uffizi, Firenze.)
Dante en Salomon (Biblioteca Laurenziana, Firenze)
Louteringsberg
(Padova 1822; bron: Kon. Bibl. Den Haag) (Foto gemaakt door Ton Lenssen.) Email van Mieke Blom |